Geplaatst in Den Haag, Divers, Hoe vrouwen denken

Waar ben ik?

tram-bus-stadsverkeer-pixabay

De oplettende lezer heeft het inmiddels al een keer of tig kunnen lezen: ik ben verhuisd. Van een kleine stad naar een heul grote stad aan de andere kant van het land. Een enorme overgang en ik moet aan alles wennen. Van het nieuwe accentje, naar de tramrails op de weg (überhaupt, die trams! Ik heb er na mijn rijexamen nooit iets mee hoeven doen, dus hoe zát het ook alweer met die regels?), naar boodschappen kunnen doen op zondag. Oké eerlijk, aan dat laatste was ik vrij snel gewend, maar voor de rest kost het nog wel even tijd voordat ik hier mijn weg heb gevonden. Ja, ook letterlijk.

Qua richtingsgevoel ben ik een échte vrouw. Ik kan fileparkeren, kaartlezen en vlot rijden, maar de weg vinden zonder navigatie (of kaart) is een drama. Dat was het al, maar dat is hier nog even net een beetje erger. ‘Ga hier links’ klinkt simpel, maar als je vier banen naar links hebt waarvan er drie busbanen en trambanen zijn, dan ontstaat er een lichte paniek. Met achter me een tram, voor me een bus, fietsers die me om de oren vliegen en claxonerende auto’s kan een extra deootje geen kwaad. Wat-een-hel! Ik snap nu inmiddels wel waarom er zoveel trams rijden; er is geen hond die het erop waagt om met de auto te gaan.

Ik voel me een toerist in mijn eigen woonplaats. Als Vriend met mij ergens heen rijdt, dan is het net alsof hij op stap is met zijn demente oma. Ik zit enthousiast naast hem en wijs hem op de prachtige panden die deze stad rijk is. Dan glimlacht hij maar weer eens zuchtend en zegt zacht dat we hier vorige week ook al gereden hebben. En dat ik toen precies hetzelfde zei.

Ik lach het weg en roep dat het voor mij heel leuk is, want het is elke keer weer nieuw. Maar ondertussen baal ik als een stekker. Ik onthoud het niet en ik weet het niet. Al ben ik ergens dertig keer geweest, dan nóg weet ik de weg niet. En waar ik me in mijn simpele stad nog wel kon redden met mijn navigatie, ga ik zelfs daarmee hier genadeloos onderuit.
Hopelijk wordt het OV mijn beste vriend. Bijna 40 en voor het eerst in een tram. Het moet niet gekker worden.

Marga, 5 december 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Divers, Hoe vrouwen denken

Wandelende tas

tasIk heb geen tassenfetish. Ik heb maar één tas en dat schijnt voor een vrouw best bijzonder te zijn. Ik doe niet aan tassen die passen bij mijn outfit. Overigens hou ik ook niet heel erg van schoenen kopen en worstel ik me nog steeds door paaschocolade van 2012 heen, dus misschien ben ik wel geen echte vrouw.
Die ene tas moet dan wel een mooie zijn. Een goede, degelijke en vooral grote tas waarin alles past wat ik eigenlijk niet nodig heb, maar wel persé bij me wil hebben. Zo’n grote Mary Poppins bag waar ik in theorie ook best een schemerlamp mee zou kunnen nemen.
En omdat ik die tas elke dag meezeul en er nogal wat kilo’s spullen in vervoerd worden, moet deze degelijk zijn. En dat betekent: van leer. Ik vond mijn nieuwste schatje in een leuk, klein winkeltje in de stad. Stralend lachte ze me toe. Bruin en soepel leer en genoeg vakjes om al mijn spulletjes gesorteerd in op te bergen. Ik was op slag verliefd… en blut. De shopmiddag was met deze aankoop ook meteen voorbij.
Op de terugweg bij Vriend in de auto bleef ik maar naar mijn tas kijken en kreeg ineens een visioen van de bijpassende reistas waarover de verkoopster in de winkel sprak. Nadat ik het merk via mijn telefoon op internet had opgezocht, viel mijn oog op de productbeschrijving: ‘Fraaie tas van het soepelste kalfsleer.’ Wacht, wat? Kalfsleer??? De tas op mijn schoot veranderde op slag in een schattig kalfje dat me met bruine kijkers liefdevol aankeek. In gedachten zag ik een moederkoe worstelen om haar kind op de wereld te zetten. Ze beviel van mijn tas.
Ik deelde mijn hersenspinsels met Vriend. Die reageerde laconiek.
‘Schat, je loopt op koe, je zit op dit moment op koe en zelfs het dashboard is van koe.’
Waarom weet hij het altijd nog een graadje erger te maken? Ik heb er nooit eerder bij stilgestaan dat de bank waarop ik dagelijks zit, ooit geboren is en rondgewandeld heeft. Nu raak ik dat beeld niet meer kwijt.
Ik ben nog steeds blij met mijn mooie tas. Maar als ik had geweten dat hij van kalfsleer is gemaakt, dan had ik hem niet gekocht. Mijn tas heeft niet eens de kans gekregen om van het leven te genieten. Ik laat hem dan nu maar de wereld zien, bungelend aan mijn schouder.

Marga, december 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Divers, Hoe vrouwen denken

Hollands next topmodel

model-fall-1636872_960_720Sinds kort woon ik (samen!) in het Westen. Omdat ik nog in het Oost’n werk, mijn huis daar sinds kort is verkocht en het echt geen doen is om elke dag op en neer te kachelen, woon ik tijdelijk twee dagen per week bij mijn ouders. Terug naar mijn roots en terug op mijn oude vertrouwde kamertje waar de glow in the dark sterren me herinneren aan de tijd dat ik jong was en zorgeloos mijn puberdromen droomde.

Ik dacht dat het me enorm veel moeite zou kosten, het niet meer hebben van een eigen stekkie en weer bij pap en mam in de kost, maar ik moet eerlijk zeggen, het is best lekker. Mijn mam is het ultiem verzorgende type voor wie mijn geluk nog belangrijker is dan het hare. Zo at ik dus afgelopen week mijn lievelingseten, stond de ontbijtboel ’s ochtends klaar en zat ik met mijn voetjes voor de houtkachel in warme sokken van mijn vader met een lekker kopje thee in de hand. Even weer kind zijn, is na al die verantwoordelijkheden die het ‘volwassen worden’ met zich mee brengt, heerlijk.

Pap had afgelopen dinsdag zijn vaste mannenkletsavond, dus mam en ik waren samen. Wat hebben we genoten. Gehuld in mijn pyjama en oversized sweater, want bij je ouders kun je zo lekker jezelf zijn, stuit ik na wat gezap op de finale van Hollands Next Topmodel. Ik heb niets met de modellenwereld (mam en ik tikken allebei krap de anderhalve meter aan en stonden in de goede rij toen de overdoses rondingen werden uitgedeeld), maar ik vind het altijd mooi om te zien hoe de toch wat saai ogende meiden transformeren in iets heel bijzonders. Terwijl de sprieterige benen ons om de oren klapperen, neem ik nog een chippie. Ja, we nemen het ervan op deze meidenavond.

“Als ik zo’n kop trek voor een foto, dan zie ik eruit als een dooie vis”, hoor ik mam opeens mompelen en ik stik zowat. Diezelfde gedachten heb ik namelijk ook altijd. Ik heb wel eens geprobeerd om een selfie te nemen met getuite lippen en, naar mijn idee, ogen die een verhaal vertellen. Meestal ziet dat eruit alsof ik moet poepen. Terwijl we daar nog wat over door discussiëren, komen de make-up tips. Ah, dat is altijd nuttig. ‘Begin je dagelijkse make-up met een goede primer’ hoor ik de visagiste zeggen. Primer? Dat smeerde ik op de muur voordat we gingen sausen. Kennelijk kan dat ook op je gezicht. Had ik die emmer nog beter even kunnen bewaren. ‘Voor een healthy glow en een flawless skin is het belangrijk om..’ oké ik haak af. Dit is niet mijn ding. Ik moet er niet aan denken om deel uit te maken van zo’n vleeskeuring en elke dag volgebaggerd te worden met een laag plamuur of uren bij de kapper te zitten voor een kapsel dat ik vanzelf heb als ik met nat haar ga slapen. Bovendien ben ik niet elegant te slaan. Ik denk ineens terug aan mijn bruiloftsvideo. Pap leidt me naar het prieel op het strand en ik stamp op mijn hakken naast hem richting mijn aanstaande. Ik zie eruit als een boerin die de bus moet halen. Om te huilen. Hakken en ik zijn sowieso geen goede vriendinnen. Met hakken kan ik niet hard lopen en ik heb kennelijk altijd haast.

Moeders heeft zich inmiddels maar gericht op de dansende mannen. Los van het feit dat ik dat wel altijd wat mieterig vind, ziet het er inderdaad geweldig uit. De afgetrainde wasbordjes lachen ons toe en ik kijk dan ook liever naar hen dan naar de meiden die met chagrijnige koppen op klompen over de catwalk zwalken.
Een Doutzen look-a-like wint de wedstrijd. Het was niet mijn favoriet. Ik ging voor de net-een-beetje-anders-griet. Een eigen stijltje, brutaal en mooi op een geheel afwijkende manier. Zij werd derde.
Ik heb echt niets met de modellenwereld en kennelijk ook geen verstand van wat mooi is. Maar volgend seizoen zitten we er weer klaar voor hoor! Afzeiken is namelijk zo lekker als je eigenlijk enorm jaloers bent op die prachtige lijven en aangeboren elegantie….

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Divers, Hoe vrouwen denken

Roekilllll

pigeon-1459441_960_720Vroeger was er een reclame op tv van een verzekeringsmaatschappij waarin een man een vlieg uit een kom soep redt en deze probeert te reanimeren. De slogan luidde ‘Als ze bestaan, dan werken ze bij Univé.’
Ik kan zeggen: ze bestaan. En ik werk niet bij Univé. Als ik een vlieg zie borstcrawlen in mijn ranja, dan vis ik hem eruit, spoel hem schoon en blaas hem droog. Ik kan er niet tegen, die nutteloze doodsstrijd van zo’n beestje. En ja ik weet, het is een insect, maar ik maak uit principe vrijwel niets dood. Behalve wespen, want allergisch, muggen die mijn kind aanvallen en andere kruipsels die de pech hebben gehad om met teveel pootjes geboren te worden. Buiten dat hanteer ik een strikt alles-heeft-recht-op-leven motto.

Het zal je namelijk maar overkomen dat je ergens wandelt of vliegt en ineens bam! Vermorzeld. Dat Japie de Vlieg eeuwig wacht tot zijn vrouw thuis komt van het boodschappen doen en vervolgens aan zijn bloedjes van vliegkindertjes moet uitleggen dat mama waarschijnlijk nooit meer thuiskomt. Dat ze volledig uit elkaar gesplotsjd aan een vliegenmepper hangt, ergens op drie hoog. Het idee alleen al. Daarom, als het niet aan een boom groeit of in de grond, maak ik het niet dood. En dat mijn shaslikje ook ooit geboren is, daar denk ik dan maar, heel hypocriet, niet over na. Ik heb hem tenslotte niet zelf de nek om gedraaid.
Ik heb echter één beest dat ik in gedachten al duizenden malen en op de meest gruwelijke manieren aan zijn einde heb gebracht; de duif in mijn dakgoot. Elke ochtend, stipt om half 6, begint het geroekoe-oe-oe… Knéttergek word ik ervan. Ik heb hem (in gedachten, natuurlijk) al met dartpijlen bekogeld, dynamiet in zijn kont gestopt, in een kattenasiel loslaten en met stenen van de dakrand gegooid. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik heb het al bedacht.

Mijn grens betreffende dit schepsel is zo ver overschreden dat het me niet meer uitmaakt hoeveel familieleden dit kreng zullen moeten missen. Als ik hem te pakken krijg, dan is hij van mij. Zegt ze stoer…
Want stel hè, dat hij (het moet wel een man zijn) even niet oplet en ik krijg hem daadwerkelijk in mijn vingers. En dat hij me dan hulpeloos aankijkt met van die knipperende kraaloogjes. Dan wordt het weer niks en laat ik hem gaan. Want ik zou het niet kunnen.
En dus blijf ik met liefde allerlei manieren om hem te vermoorden verzinnen en lig me ondertussen met drie kussens op mijn hoofd te verbijten.
Iedereen heeft het recht te leven. Een mooi motto.
Dus…
Roekoe-oe-oe…
Roekoe-oe-oe…

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Auto, Hoe vrouwen denken

Droomduitser

mercedes-benz-1744915_960_720.jpgIk ben kortgeleden verhuisd van ’t Oost’n naar Het Westen van het land. Omdat ik nog geen andere baan heb, ben ik dus zo’n 160 kilometer verwijderd van mijn werk. Ik kar heel wat heen en weer. Vriend vond het daarom een goed idee als ik gebruik maakte van zijn ‘degelijke Duitser’ in plaats van op en neer te rijden in mijn ‘frivole Française’.

Gezien het feit dat ‘rammelende roestbak’  inmiddels een betere beschrijving is voor mijn autootje, is dat een niet geheel onverstandige keus. Ik ben dol op mijn lieflijke wagentje. Ze is klein, wendbaar en past bij mijn geringe lengte. Zij en ik, we lijken voor elkaar gemaakt. Ik verdwijn in die enorme bak van Vriend. De stoel moet een kilometer naar voren om bij de pedalen te kunnen en ik zit dan uiterst ongemakkelijk, zo rechtop en met mijn smoel haast op het stuur.
Voor me heb ik nog een gigantisch stuk neus, achter me een enórme kont. Dat voelt niet overzichtelijk. Ik kan er dus ook voor geen meter mee inparkeren en heb al regelmatig rondjes gereden op zoek naar een parkeerplaats waar ik het enorme gevaarte wél kwijt kan. En dan al die hendels en knopjes en toestanden. Ik vind nóóit wat ik nodig heb.

Maar: los van al die ongemakken begint het te wennen. En geniet ik er stiekem steeds meer van. Ik nestel me ’s ochtends in het comfortabele leer en zet de tas met mijn laptop naast me op die andere mooie stoel. Ik bén ineens iemand. Niet de sufmuts in een gebakje, die enkel rechts rijdt, maar de blonde stoot in een grote bak die met gemak en power de boel links inhaalt. De weggebruiker waar mensen voor aan de kant gaan. Ik durf nog net even voor de invoegstrook ophoudt, een beetje gas bij te geven. De power in deze auto zorgt er namelijk voor dat ik niet alsnog moet afdruipen omdat ik niet hard genoeg kan. Ik doe mee met de grote jongens, de yuppenclub, de zakenlui.
Ik heb zelfs zo’n kleerhangergeval achter de hoofdsteun, waar ik nooit een colbertje aan hang. Maar het zóu kunnen. Ik geniet, ik ben vrij, ik ben the woman of the road!
Tot ik hem weer in moet leveren na een paar dagen werken. Dan krijg ik mijn oude, vertrouwde dametje weer terug. Met mijn eigen snoepjes in het dashboardkastje, mijn wanhopig maar zinloos platgetrapte gaspedaaltje én een usb-stick met míjn muziek.
Ach ja…
Ook best aardig…

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Divers, Hoe vrouwen denken

Sylvie perfectie meis

mannequins-1653602_960_720Vorige week keek ik Linda’s Zomerweek en één van de gasten was ons aller Sylvie. Sylvie, met haar bambi-ogen, rimpelloze gezichtje, perfecte lijf, prachtige glanzende haar, en fantastische benen. Alsof de wereld van haar is, zit ze gedrapeerd op de bank. Ze heeft overigens, ogenschijnlijk probleemloos, twee uur lang níéts veranderd aan die houding.

Dan spits ik ineens mijn oren. Miss Meis is 38! Net zo oud als ik dus. Ik… met pondjes (oké kilo’s) teveel, met niet meer weg te smeren rimpels en futloos haar. Met treurigere borsten dan tien jaar geleden en grijze lokken als ik een kappersbeurt te lang uitstel. Wat doe ik fout??? Ik kan het niet eens gooien op het feit dat zij heel lang is; we zijn ongeveer even groot. Overigens is dat ook echt het enige dat we gemeen hebben.
Wat ben ik jaloers op haar. Op alles geeft ze het juiste en politiek correcte antwoord. Ze blijft vriendelijk lachen naar de soms irritante Linda die haar jaloezie ook niet echt onder stoelen en banken schuift. Sylvie kijkt liefdevol naar haar broer en laat op het juiste moment vallen dat ze een zwager heeft en dus he-le-maal oké is met het feit dat hij homo is. Sylvie is het toppunt van perfectie. Zelfs ’s avonds in haar eentje zit ze in de meest sexy lingerie en negligés op de bank alsof ze elk moment voor een fotosessie opgeroepen kan worden onder het motto “Daar voel ik me goed bij.”

Ik kijk nog een keer naar mijn bh-loze staat boven mijn oudste joggingbroek, want ongesteld, en vraag me af: Zou zij nou ook af en toe haar plas laten lopen tijdens een enorme lachbui? Zou zij haar ogen ook wel eens uit haar kop janken omdat haar huwelijk niet gelukt is en ziet ze er dan niet meer zo perfect en glad uit, maar heeft ze net als ik piekhaar en kikkerogen? Vraagt zij zich ook wel eens af of ze het allemaal wel goed doet, of ze wel een goede moeder is? Of is ze werkelijk altijd zo zelfverzekerd als ze nu doet overkomen?

Net als ik van jaloezie en goede voornemens om nu echt te gaan sporten uit elkaar plof, komt Vriend binnen. “Hé, is dat Sylvie?” Ik krimp van ellende nog wat verder in elkaar, houdt mijn buik in en probeer een onderkin te voorkomen door naar hem op te kijken.
“Sjonge wat een plastic kop, haar gezicht beweegt niet eens als ze praat. Wat zonde zeg. Jij nog een wijntje?”
Soms hou ik heel intens van hem…

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Hoe vrouwen denken, Mannen, Verdriet

Mannen mogen niet huilen

huilen-man-1465525_1280

Mannen mogen niet huilen. Althans, dat vinden mannen vooral zelf. ‘Emoties tonen is een teken van zwakte en tranen zijn voor mietjes. Sterk moeten we zijn en janken laten we wel over aan onze vrouwen. En als die huilen, dan weten we ook niet wat we moeten. We kloppen wat onhandig op de rug van het huilende exemplaar, mompelen een ‘alles komt goed’ en kijken wanhopig met een schuin oog naar de televisie in de hoop nog iets van de wedstrijd mee te kunnen krijgen.’ Aldus, de échte man.
Gelukkig is niet elke man zo’n testosteronbonk. En dat is maar goed ook, want tegenwoordig wordt van mannen veel meer verwacht dan een hert schieten en deze op tafel kwakken, waarna de vrouw des huizes kan beginnen aan de stoofpot. Mannen krijgen vrouwelijke trekjes. Misschien wel door de wat minder heldere rolverdeling binnen de relatie.
Zo ken ik mannen die oneffenheden wegwerken met een camouflagestick, langer met hun haar bezig zijn dan ik een keuze maak over wat ik aan moet (en geloof me, dat duurt soms drie dagen), en harder huilen bij All you need is love dan ik. En ja die zijn toch echt hetero.
En eerlijk is eerlijk, ik vind het fantastisch. Wat is er mooier om je liefste in de ogen te kijken en deze langzaam waterig te zien worden omdat gevoel en een intens ‘houden van’ soms in woorden niet is uit te drukken. Daar kan geen bos bloemen of dijk van een compliment tegenop.

Emoties zijn rauw, puur en niet te sturen. Die overvallen je en komen recht uit het hart. Ik vind het fijn om verdriet met mijn lief te kunnen delen. Om hem te zien huilen als iets hem echt raakt. En voor de mannen die nu denken, dat deel je dan maar met je vriendinnen: niets is fijner om in sterke armen te kunnen kruipen, uit te huilen op een brede schouder en vervolgens kleine kusjes op je slaap te krijgen die je langzaam weer rustig sussen. Om vervolgens in ogen te kijken waar emoties in te lezen zijn. Omdat hij van je houdt en je verdriet met je deelt.

Dát heren, is pas een échte vent!

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl