Geplaatst in Ik, Mama, Media, Divers, Hoe vrouwen denken, Actueel

Alleen maar verliezers

Gisteren ontstond er tumult op Facebook. Een uitspraak in de zaak waarin een gastouder een baby zo hard heen en weer geschud heeft dat het kindje ’t niet heeft gered.

childrens-eyes-1914519_1920
Bron: Pixabay.com

Afschuwelijk, voor alle betrokkenen. De gastouder hoorde gisteren vier jaar cel tegen zich eisen en Facebook ontplofte.
“Vier jaar is te weinig!”
“Ze moeten dit monster levenslang opsluiten.”
“Ze moet gemarteld worden en nooit meer daglicht zien.”
Zomaar een greep uit de veroordelende reacties van mensen die, veilig achter hun computer, een paar zinnen tikken en blijkbaar nooit de fout in zijn gegaan. En ik snap het. Als het mijn kind was geweest dat ik, in het volste vertrouwen dat er goed voor hem gezorgd wordt, achtergelaten had in de fatale handen van mijn gastouder, dan weet ik ook niet wat ik had gedaan.
Maar het is mijn kind niet en dat geeft me de vrijheid om wat breder te kijken. Want stel hè, stel dat het niet een gastouder was, maar de moeder van het kindje. De moeder die, gebroken door slaapgebrek en het dagenlange huilen van haar kind, een verkeerde beslissing neemt. In plaats van weglopen, hulp inroepen of iemand bellen, wat ze had moeten doen, schudt ze haar kind heen en weer in de hoop het voortdurende gejank te doorbreken. Zou zij op dezelfde manier worden veroordeeld?

2004
Mijn zoon, prematuur geboren en na vijf weken ziekenhuis eindelijk thuis, huilt al dagen onafgebroken. Ik krijg hem niet stil. Mijn partner krijgt hem niet stil. Alles hebben we geprobeerd. Nog maar een flesje, nog maar een speentje, schone luier, eindje rijden, wandelen, lief praten, zingen, boos worden, alles! Radeloos maakt het me. De hormonen komen uit mijn oren, de emoties maken me zwak. Als nieuwbakken moeder ben ik onzeker. Nog net een beetje meer omdat de doctoren in het ziekenhuis niet anders zeiden dan dat hij zo tevreden was. Hij sliep rustig, deed het goed. Wat doe ik fout? Waarom kan ik mijn kind niet troosten? Overdag ben ik alleen, mijn man is aan het werk. Jankend zit ik naast mijn kleine zoon. Ik zou hem wel door elkaar willen rammelen. Een kussen op zijn gezicht willen drukken om hem even stil te krijgen. Eventjes maar… een uurtje of zo, zodat ik wat kan slapen. Zodat ik het allemaal wat beter aan kan. In plaats daarvan bel ik mijn moeder. Ze past een dag en een nacht op en ik voel me als herboren. Ik ben weer fris, kan weer nadenken en zoek op internet naar informatie over huilbaby’s. Een inbakerdoek biedt uitkomst. De rust keert terug. Toch is me dat knakmomentje altijd bijgebleven. Iedereen kan, mits lang genoeg getergd en door dagenlang slaapgebrek, knappen. Ik maakte de goede keuze. Riep hulp in, omdat ik dat kon. Omdat ik een vangnet heb. Helaas hebben velen dat geluk niet.

Nee, dit was geen moeder, dit was een gastouder. Een hopelijk uitgeruste gastouder, die niet onder invloed van hormonen flipte. Een gastouder van wie je mag verwachten dat zij de rust bewaart. Iemand die beter weet en, zo oordeelde ook de rechter, van wie je mag verwachten dat zij de gevaren van schudden kent. Maar dit is ook een gastouder die ongetwijfeld niet aan haar dag begon met de gedachte: ‘vandaag ga ik een kind vermoorden’. Gastouder word je niet omdat je een hekel hebt aan kinderen. De gastouders die ik ken, verzorgen de kinderen alsof ze eigen zijn. Wat ging er mis op dit fatale moment? Waren alle kinderen die ochtend vervelend? Had ze zorgen of een slapeloze nacht achter de rug? Het blijft gissen. Wat we wel weten is dit: deze vrouw ging hopeloos de fout in en verdwijnt voor vier jaar achter de tralies.

Het is niet genoeg, het is nooit genoeg. Ik begrijp de emotie achter dit alles. De ouders van het kleine meisje krijgen nooit meer hun dochter terug. Maar wat lost een celstraf op? Vier jaar zal deze gastouder doorbrengen in opsluiting. Ze wordt uit de maatschappij gehouden. Waarom? Is zij een gevaar voor zichzelf of anderen? Het artikel zegt niet waarom ze deed wat ze deed. Is ze psychisch niet in orde? Waarom krijgt ze dan geen hulp in plaats van celstraf? Het vonnis is doodslag omdat ze beter had kunnen weten. De straf die daar bij hoort, heeft ze gekregen.

Fouten moeten worden bestraft volgens ons rechtssysteem. Ik twijfel eraan of celstraf in dit geval het juiste vonnis is. Pak haar licentie af en laat deze vrouw nooit meer voor kinderen zorgen. Geef haar de hulp die ze nodig heeft, maar sluit haar niet op.

Deze vrouw heeft al levenslang gekregen…

person-1821413_1920
Bron: Pixabay.com

Ook verschenen op HoeVrouwenDenken

Geplaatst in Divers

Avondgenot

Het was een hysterische dag. Zoals altijd vond vandaag de GP van Zevenhuizen plaats. Ik schreef er al eerder over. Wat een cadeautje. Zon, vrienden en gezelligheid.  De coureurs deden het vandaag allemaal goed, op eentje na. Keer op keer had hij pech. In de finale viel hij uit en werd van achteren aangereden. Gevolg: gebroken pols. Nee, zonder deuken ging het vandaag weer niet. Desondanks genoten we. Van de zon, de fijne club mensen en hamburgers en gebakken eitjes van de bakplaat. 

Ik ben gaar na zo’n dag. Vandaag letterlijk en figuurlijk. De zon brandde genadeloos waardoor ik de ‘korting op de crematie’ fase weer heb bereikt. En ik zit vol. Gaargeluld en moe van de herrie.

Totaal onder het stof kwamen we thuis, mijn kleine man en ik. Grote man staat nog ergens te bier en tieten. Die zie ik morgen wel weer. 

Thuis konden we eindelijk douchen. En douchen is het áller-fijnste als je echt heel heel vies bent. En dat was ik. Stof in mijn neus, oren en bh. Zwarte voeten, niet normaal. Het complete circuit hing aan mijn zonnebrandcrème. 
En nu…nu geniet ik van het laatste deel van deze dag. Hondje en kind liggen in hun mandje. Ik zit boven op mijn dakterras en kijk uit over de stad. Er is, op wat gekwetter van vogeltjes na, niets te horen. Om mij heen branden de lichtjes en kaasjes. Ik ruik de vanille op mijn huid en het lavendel van de kaarsen. Het is niet koud, maar ik heb een dekentje omgeslagen. Omdat vrouwen dat nou eenmaal doen. 

Een heerlijk boek een glas water en de stilte die me omringt. Ik geniet na van een zalige dag met een club mensen die ik nog niet zo heel lang ken, maar desondanks in mijn hart heb gesloten. 

Ik voel me rijk. Wat was het weer leuk vandaag.

Marga, 25 mei 2017

Geplaatst in Divers, Media, Vriendschap

Facebookfaçade (deel 2)

soap-bubble-824591_1920
Bron: Pixbay

Ik schreef eerder deze week dat ik zo de schurft heb aan al dat happy gedoe op Facebook. De kijk-mij-eens-een-geweldig-leven-hebben-posts waar ik zelf ook van harte aan mee doe. Na de publicatie ontstond een levendige discussie in de Whatsappgroep met de redactieleden van HoeVrouwenDenken. Waarom ik me er zo aan stoorde. Iedereen moet toch vooral zelf weten wat hij of zij post. En wie zit er nou eigenlijk op de ellende van anderen te wachten. Als iemand voortdurend #zucht #hetleveniszwaar post, ben je diegene gauw zat. En ik snap dat wel. We hebben soms zelf al ellende genoeg, Social Media is toch vooral vermaak. Als ik overspoeld word met ellende, dan haak ik ook af.

Laatst kwam ik iemand tegen die ik lang niet had gesproken. We kletsten wat over koetjes en kalfjes. Ze zei: “Ik heb helemaal niet het gevoel dat ik je lang niet heb gesproken, ik zie toch alles op Facebook.” Ik zweeg en dacht: schat je hebt geen idee. Wat je op Facebook of Instagram ziet, is slechts een deel van mijn leven. Die posts zeggen niets over heimwee, moeite met wennen aan de drukke stad, verdriet over verloren geliefden, ruzie thuis of gevoelens van schuld of angst. Je denkt te weten hoe mijn leven er uit ziet, maar dat is niet zo.

In mijn vorige blog deed ik een oproep. Laten we met zijn allen eens wat eerlijker zijn. Terecht kreeg ik de reactie: “Dat maak ik zelf wel uit”. En diegene had gelijk. Je moet online lekker doen wat je wilt. Jouw profiel, jouw regels. Ik vind het alleen jammer dat andere mensen het voor waarheid gaan aannemen. ‘Het gaat heel goed met vriendin X, kijk maar op Facebook.’

Achter al die mooie verhalen gaat soms iets anders schuil.

Zes jaar geleden besloten mijn toenmalige man en ik dat de koek op was. We konden niet meer en gingen uit elkaar. Vlak daarna vertrok ik uit het ouderlijk huis en betrok een tijdelijke woning met mijn zoon van toen 6. Wat had ik het zwaar. Ondanks dat de scheiding onvermijdelijk was en ik er zelf helemaal achter stond, vond ik het vreselijk moeilijk wat er gebeurde. Niet in de laatste plaats voor mijn kleine man. Gezamenlijke vrienden vermeed ik, omdat ik het moeilijk vond om ze te zien. Zij nog gewoon een stel en gewoon een gezin, ik zo overduidelijk de gescheiden vrouw. Tijdens een eenzame avond thuis meldde ik me aan op Twitter. In die tijd had iedereen het en ik was nieuwsgierig. Mijn alterego werd die avond geboren; @Prinmess, the messy Princess. Met de mooiste profielfoto en de leukste bio was ik al gauw een graag geziene en gevolgde Twitteraar. Ik logde elke avond in op mijn digitale kroeg en was daar wie ik wilde zijn. Een lekker wijf, probleemloos, grappig en een flirt. Ik kon zijn wie ik wilde zijn. Niemand wist dat ik, nadat ik de kleine man in bed had gestopt, niet eens de moeite nam om de lichten in huis aan te doen. Ik zat in het donker, opgekruld in mijn stoel, het enige meubelstuk dat ik mezelf had toegestaan te kopen, en praatte via mijn telefoon met mensen die geen idee hadden wie ik werkelijk was. Vraag een willekeurige Twitteraar van toen en ze hebben een beeld van me. Een beeld dat intens ver bij de waarheid vandaan lag. Ik hield vrienden over aan die tijd. Die er pas echt toe deden toen ik ze sprak of ontmoette. Die werkelijk vroegen wat er in me om ging en die me hielpen te helen.

Online contact, vervangt geen real life contact. Nooit! En degene die je denkt te kennen, over wie je een mening hebt en waar je je aan ergert, heeft misschien wel een ander verhaal dan jij denkt. Schuilt er achter iedere negatieve post niet een klein beetje eenzaamheid? Zijn al die happy hashtags er niet gewoon om een werkelijk gevoel te verbloemen? Baseer je mening niet op dat wat je ziet, of denkt te weten.
Facebook, Twitter, Instagram, het is voor velen níet het werkelijke leven.

Als ik niet reageer op een noodkreet, dan wil dat niet dat zeggen dat het me niet interesseert.
En als je me een tijd niet hebt gesproken, dan heb je wel degelijk heel veel gemist…


Ook verschenen op HoeVrouwenDenken

Marga,  6 mei 2017

Geplaatst in Facebook, Geluk, Hoe vrouwen denken, Media

Happy? Hashtags

Ik hoorde vandaag een reclame van SIRE. Over selfies en waarom we ze maken. Voor wie doe je dat eigenlijk? Voor jezelf? Wil je de ander iets bewijzen? Nu ben ik niet zo van de selfies, maar ik deel mijn leven wel. En dan uiteraard alleen de hoogtepunten. De momenten dat ik lekker aan het #genieten ben. Alle keren dat ik suf op de bank zit, die deel ik niet. Oninteressant denk ik dan. Maar is het feit dat ik op het strand zit of aan een glaasje wijn bij een vriendin dan wel zo interessant?  Wie boeit dat dan? En waarom is het zo leuk om likes te krijgen. Ik weet toch zelf al dat ik het leuk heb? Heb ik dan anderen nodig die het ook leuk vinden?

Flink moe word ik ervan; al die happy hashtags op social media. Als ik die moet geloven is iedereen altijd #happy en eten we elke dag #healthyfood en knallen (ook zoiets knállen!?!) we supergelukkig op zondagochtend in de #sportschool.
Het leven is een feestje, #lovemylife.
Die ene keer in de maand dat ik ga hardlopen, maak ik een foto van mezelf en post die op social media. #gezondbezig. Al die keren dat ik geen zin heb of te lui ben om van de bank af te komen, dan post ik niets. Belachelijk!

Het wordt hoog tijd voor een tegenbeweging. Gewoon lekker delen wat er in je op komt en vooral wat allemaal niet sociaal verantwoord is. Hashtags die het echte leven laten zien. #volgeproptmetvettefriet #weernietgesport #uitgevallentegenmijnkinddiedatnietverdiende #kutikmoetweerwerken #ruziemetmijnvent #uitbuikenopdebank #hatemylife.

Misschien wordt social media dan iets minder gezellig. Maar het is in ieder geval wel eerlijk. Als op Facebook de happy hasthags niet aan te slepen zijn, dan betekent dat niet persé dat in real life ook alles #paisenvree is. Dat willen we anderen zó graag laten geloven. En waarom?

Zoals mijn lievelingsschrijfster Sophie Kinsella zo mooi omschreef in haar laatste roman ‘Mijn niet zo perfecte leven’: Een fantastisch leven is een verzinsel. We maken naast alle mooie momenten, klotemomenten mee die dat vrolijke glitterleven weer in balans brengen. Vrolijk en glitterig aan de ene kant, de rottige waarheid aan de andere kant.

Bron: Pixabay

Dus, als je je weer eens laat intimideren door een vriendin die ogenschijnlijk de perfecte moeder is, met haar leven in perfecte #balans, geloof dan dat zij ook regelmatig snotterend met een doos tissues op de bank zit na een megaruzie.

Geloof gewoon niet alles wat je ziet. Onder dat gouden laagje gebeurt er genoeg minder moois. Net als bij jou.

En bij mij…


Deze tekst verscheen tegelijkertijd op HoeVrouwenDenken

Geplaatst in Borsten, Hoe vrouwen denken, Seks

De don’ts tussen de lakens

Voor de goede orde: onderstaande punten zijn niet enkel van mij afkomstig. Kom zeg, mijn moeder leest mee! Deze lijst is samengesteld door vele goede gesprekken met goede vriendinnen en veel goede (oké, slechte) wijn. Het is een instructie. Voor jullie, heren! Doe er vooral je voordeel mee.

Don’ts (en een paar Do’s) voor tussen de lakens

Bron: Pixabay.com

1. Goed poetsen! (ervóór)
Wij vrouwen houden er niet van als het zaakje ‘down under’ niet fris ruikt of er fris uitziet. Een vleugje pies, een paar verdwaalde onderbroekpluizen of andere zaken die er niet thuis horen, zijn niet opwindend. Als je het gevoel hebt dat vanavond wel eens je ‘lucky night’ zou kunnen worden, geef Harry dan even een fijne extra poetsbeurt. Ook als je dat niet verwacht kan dat geen kwaad trouwens. Schoon is een must. Oók onder de randjes.

Bron: Pixabay.com

2. Bijpunten
De jungle een beetje bijgepunt is ook prettig. Niet iedereen heeft zin om als Freek Vonk op zoek te gaan naar het wilde dier in het struikgewas.

3. Niet meteen poetsen! (erná)
Over wassen gesproken. Direct na ‘de daad’ met je nog natte Harry richting wastafel rennen om hem eens flink onder handen te nemen is NIET sexy. Handdoekje is prima, die uitgebreide poetsbeurt kan wel tot de ochtenddouche wachten. Tenzij je een tweede ronde verwacht, dan zou ik zeggen: ga je gang!

4. Geen praatjes, graag
Van zogenaamd geile praatjes houden de meesten vrouwen absoluut niet. Klein beetje dirty talk mag best, maar als je tijdens het spel voortdurend wordt afgeleid door een “ik ga eens even lekker dit of dat met je doen”, “vind jij het ook zo opwindend” of “ik zal jou mijn wapenstok eens even laten voelen”, dan wordt het lachwekkend. Killing voor de sfeer. Totally.

5. Beslag roeren
Vaak genoemd: zoenen alsof je cakebeslag aan het roeren bent. Niet doen. Wij zijn Nigella Lawson niet! Persoonlijk vind ik lafjes met een tongpuntje erger, maar ik meld het toch maar even.

Tja en hier wordt het moeilijk voor me, want ik hou niet zo van het met naam en toenaam benoemen van handelingen en onderdelen. Preutse doos, that’s me. Ik doe mijn best.

6. Mondeling gedoe
Orale toestanden als je niet écht weet waar je mee bezig bent: doe maar niet. Vraag gewoon wat je vrouw of vriendin lekker vindt. Dat is altijd beter dan gigantisch je best doen en heel ‘hard’ hopen dat je je vriendin naar een climax likt, iets wat dan dus nevernooitnie gaat gebeuren. De kans is groter dat ze tegelijkertijd een boodschappenlijstje opstelt of uiteindelijk in godsnaam maar een orgasme simuleert om er vanaf te zijn. (Overigens, dames, het kan ook geen kwaad om de mannen wat te sturen!)
Wat zeker níét helpt, is een meeraggende baard van een paar dagen of bijten in de gevoelige deurbel.

7. Ruig
Sommige vrouwen houden van ruig, veel vrouwen niet. Als je ’t niet zeker weet, laat die kontklets dan maar even achterwege. Of begin zachtjes… met een tikje. Tenzij ze een SM-fan is. Dan mag het.

Bron: Pixabay.com

8. Tenen likken
Mannen met een schoenen-, voeten- of tenenfetisj worden over het algemeen wat eng gevonden. Zo zei een vriendin: “Je mag aan alles sabbelen, behalve aan mijn tenen.” Eerlijk, van het idee alleen al krijg ik kotsneigingen. Voeten zijn veruit de meest onsexy lichaamsdelen, wat mij betreft. Ik heb prachtige, eeltvrije voetjes met gelakte nagels en desondanks moet ik er niet aan denken dat iemand mijn tenen met zijn tong bewerkt. Instant ontnuchterd. Dus ook hier geldt: niet zomaar doen. Ook de vraag: “Kun je even aan mijn tenen likken?” zal door weinig vrouwen met een enthousiast “ja!” worden beantwoord.

9. In slaap donderen
Over het in slaap vallen na de daad zijn de meningen  erg verdeeld. De meeste vrouwen vinden het respectloos en ongezellig. Ik ben op dit punt dan zelf een vent denk ik. Niks zo fijn om ontspannen, het liefst in elkaars armen, in slaap te doezelen.

10. Recht op de finish af
Ook irritant: meteen recht op je doel af. Heren, wij zijn méér dan twee borsten en een onderkantje. Van wat streelwerk is nog nooit iemand minder geworden. Hoewel er ook weer vrouwen zijn die van al dat gewriemel en gekietel juist weer de zenuwen krijgen.

Overall conclusie is dat seks maatwerk is en een goed gesprek erover voeren geen kwaad kan. Overigens is het niet aan te raden om dat tijdens het seksspel te doen. Volgens mij worden jullie mannen juist dáár weer niet echt blij van.
Dat maakt me toch nieuwsgierig. Hoe zit dat bij jullie? Schroom niet en vertel het ons: wat moet een vrouw écht niet doen tussen de lakens? En wat juist wel? Tips zijn welkom!

Marga, 31 maart 2017
Ook verschenen op HoeVrouwenDenken

 

Geplaatst in Afvallen, Divers, Hoe vrouwen denken, Werk

Slank succes

Ik vroeg me laatst iets af. Waarom zijn vrouwen in de top bijna altijd slank? Vrouwen met succes, een goedlopend eigen bedrijf en onze prinsessen (althans degenen die de puberteit zijn ontgroeid), ze zien er allemaal altijd uit om door een ringetje te halen. Mantelpakje, de juiste panty’s, zakelijke make-up, een goede jurk of goed gesneden broekpak. Nooit zwengelende kipfilets, dikke buiken of onderkinnen en uitgelopen mascara.

bron: pixabay

Hebben deze vrouwen door hard werken geen tijd om te eten of zijn ze gewoon met de juiste genen geboren en daarmee gemaakt voor succes? Of maken ze in hun drukke schema ook nog tijd voor de sportschool om zo in shape te blijven?

Het lijkt er sterk op dat vrouwen in hoge posities nog steeds, of liever gezegd, steeds méér beoordeeld worden op hun verschijning dan op hun professionaliteit en capaciteit. Er bestaat nu eenmaal een ‘vet’ vooroordeel ten opzichte van vrouwen met overgewicht (‘geen discipline’, ‘laten zichzelf gaan’, ‘zwak vlees’, etc.). Professionele vrouwen zijn zich daar zeer van bewust, aldus professor Andrew Hill (medische psychologie, Leeds University). Het uiterlijk is volgens Hill nog steeds het belangrijkste attribuut voor vrouwen in onze samenleving [bron].

Dik en imperfect zijn is simpelweg nadelig als je hogerop wilt komen op die carrièreladder. Mollige, zelfs ronduit dikke (en lelijke), succesvolle mannen zijn er meer dan zat. Ook op TV en in de politiek. Maar vrouwen? Ho maar. Met de toenemende kledingmaat wordt ook het glazen plafond waar vrouwen hun hoofd tegenaan stoten, steeds dikker. Ook de wetenschap bevestigt dat het gewicht van een vrouw bepalend is voor hoe mensen haar inschatten qua competentie, intelligentie en zelfs qua salarisniveau. Laten we het er maar op houden dat er daadwerkelijk op gewicht gediscrimineerd wordt, met name bij vrouwen. How sad…

Stel nou eens dat één van onze prinsen op stevige vrouwen zou vallen. Dat er dan op Koningsdag een ronduit stevige dame loopt tussen al die langbenige hinden. Dat kun je je toch gewoon niet voorstellen? Of dat er tijdens een congres van bedrijf X een presentatie wordt gehouden door topvrouw Y en zij zich dan druk moet maken over sterk corrigerend ondergoed. En dat de megaster met een miljoenenpubliek een kleine vrouw met maat 48 is.
Ik heb het nog nooit gezien. Of kijk ik niet goed?
Iemand voorbeelden dat het ook anders kan? Please?

bron: pixabay

Blog tegelijkertijd verschenen op HoeVrouwenDenken

Geplaatst in Afscheid, Angst, Dankbaarheid, Den Haag, Ik, Liefde, Strand, Toekomst, Vooruitgang, Werk

The start of something new…

 

Anderhalve week geleden startte ik bij mijn nieuwe werkgever. De laatste minuten voordat ik de IMG_20170306_191150_636_resizeddraaideur doorging en binnenkwam in het immense gebouw voelden als de start van een eerste schooldag. Wat had ik graag mijn moeder aan de hand gehad die nog even bij me kon blijven voor ik werd overgeleverd aan de juf die een vreemde voor me was. Maar helaas, ik was alleen en met buikpijn van de zenuwen schudde ik de hand van mijn nieuwe juf manager. Het ging beginnen.

De eerste week vond ik, eerlijk gezegd, verschrikkelijk. Al die gezichten, al die nieuwe termen, afkortingen, programma’s enzovoorts. Het duizelde me. Met het rondje door het gebouw waren we een halve dag bezig. Zelfs een simpel doosje paperclips halen was een hele onderneming. Het is er zo groot dat ik voortdurend mijn eigen werkplek kwijt was. En het toilet. En het koffieapparaat.

Mijn nieuwe collega’s (veertig in mijn team, ruim honderd op de afdeling) waren vriendelijk en meer dan bereid om me met alles te helpen. Toch kon ik na een paar dagen niet anders concluderen dan dat ik beroerd was van de heimwee. Wat verlangde ik terug naar de plek waar ik zestien jaar had rondgelopen. Naar werk dat ik kende en mensen die ik liefhad.  Ik realiseerde me ineens dat dat allemaal voorbij is. Echt voorbij. Ik woon nu hier, werk nu hier en ben ver bij mijn vriendinnen en familie vandaan. Even janken bij mammie gaat niet meer zo makkelijk als vroeger. Het greep me die eerste week naar de keel.

Maar dan…

Weekend. Het zonnetje schijnt. Tijdens uurtjes op het dakterras met een boek en een kop thee, voel ik de spanning uit mijn schouders wegebben. Ik spreek mezelf vermanend toe. ‘Kom op zeg, je bent een grote meid. Je kunt en wilt dit. Je hoofd en hart zijn na jaren eindelijk op dezelfde plek. Je ligt elke avond in de armen van de liefste man die je je maar wensen kan. Geen gezeik, geen gebrul om mama, schouders eronder en gaan.’

Dus liep ik afgelopen maandag met opgeheven hoofd het kantoor binnen. Ik zocht een plekje ergens middenin de afdeling (flexwerken, echt het blijft ruk!) en kletste hier en daar wat met mijn nieuwe collega’s. Ik lachte zelfs een paar keer. Ik snapte waar ik mee bezig was en met welke projecten ik me mag bemoeien. Mijn nieuwsgierigheid nam de overhand en de zin om me in mijn werk te begraven nam toe.

Dinsdag. Mijn eerste externe vergadering. Met de tram reis ik helemaal naar het uiterste puntje van Scheveningen: Het Zwarte Pad. De tour door de stad is een belevenis. Lijn 1 is een oude, gammele tram en hij komt langs vele hotspots die de stad rijk is. Ik kijk mijn ogen uit. Op het eindpunt zit ik nog als enige en ik zwaai naar de machinist wanneer ik uitstap. Het zonnetje schijnt en ik zie de zee voor me liggen, evenals het hotel waar ik moet zijn. Ik ben te vroeg omdat ik hier even rond wil kijken. Dit stuk hier, de boulevard en het strand, is onderdeel van één van mijn projecten. Natuurlijk ben ik veel te vroeg, bang om op het laatste moment, of te laat, aan te komen. Het is fris, maar ik besluit toch even te gaan zitten op een bankje op de boulevard. Op het strand is het druk, de strandtenthouders zijn bezig met het opbouwen van hun tenten. Er wordt hard gewerkt en de lente hangt in de lucht. Heerlijk! De frisse wind drijft me naar binnen waar ik onder het genot van een kop thee en een lekkere muffin (hier geen droge koekjes, maar een muffin!), naar buiten staar. Mijn e-reader ligt onaangeroerd op mijn schoot. Ik staar naar buiten, naar de duinen en de zee en een glimlach verschijnt op mijn gezicht.

 

Het is me gelukt….

 

 20170314_095602_resized

 

Marga, 17 maart 2017