Geplaatst in Auto, Hoe vrouwen denken

Droomduitser

Ik ben kortgeleden verhuisd van ’t Oost’n naar Het Westen van het land. Omdat ik nog geen andere baan heb, ben ik dus zo’n 160 kilometer verwijderd van mijn werk. Ik kar heel wat heen en weer. Vriend vond het daarom een goed idee als ik gebruik maakte van zijn ‘degelijke Duitser’ in plaats van op en neer te rijden in mijn ‘frivole Française’.

Gezien het feit dat ‘rammelende roestbak’  inmiddels een betere beschrijving is voor mijn autootje, is dat een niet geheel onverstandige keus. Ik ben dol op mijn lieflijke wagentje. Ze is klein, wendbaar en past bij mijn geringe lengte. Zij en ik, we lijken voor elkaar gemaakt. Ik verdwijn in die enorme bak van Vriend. De stoel moet een kilometer naar voren om bij de pedalen te kunnen en ik zit dan uiterst ongemakkelijk, zo rechtop en met mijn smoel haast op het stuur.
Voor me heb ik nog een gigantisch stuk neus, achter me een enórme kont. Dat voelt niet overzichtelijk. Ik kan er dus ook voor geen meter mee inparkeren en heb al regelmatig rondjes gereden op zoek naar een parkeerplaats waar ik het enorme gevaarte wél kwijt kan. En dan al die hendels en knopjes en toestanden. Ik vind nóóit wat ik nodig heb.

Maar: los van al die ongemakken begint het te wennen. En geniet ik er stiekem steeds meer van. Ik nestel me ’s ochtends in het comfortabele leer en zet de tas met mijn laptop naast me op die andere mooie stoel. Ik bén ineens iemand. Niet de sufmuts in een gebakje, die enkel rechts rijdt, maar de blonde stoot in een grote bak die met gemak en power de boel links inhaalt. De weggebruiker waar mensen voor aan de kant gaan. Ik durf nog net even voor de invoegstrook ophoudt, een beetje gas bij te geven. De power in deze auto zorgt er namelijk voor dat ik niet alsnog moet afdruipen omdat ik niet hard genoeg kan. Ik doe mee met de grote jongens, de yuppenclub, de zakenlui.
Ik heb zelfs zo’n kleerhangergeval achter de hoofdsteun, waar ik nooit een colbertje aan hang. Maar het zóu kunnen. Ik geniet, ik ben vrij, ik ben the woman of the road!
Tot ik hem weer in moet leveren na een paar dagen werken. Dan krijg ik mijn oude, vertrouwde dametje weer terug. Met mijn eigen snoepjes in het dashboardkastje, mijn wanhopig maar zinloos platgetrapte gaspedaaltje én een usb-stick met míjn muziek.
Ach ja…
Ook best aardig…

Marga, november 2016
Geschreven voor http://www.hoevrouwendenken.nl

Geplaatst in Auto

Black Beauty

Het was 1996 toen je op een mooie zomerdag werd geboren. Nou ja geboren, je ontstond. Door mensenhanden en misschien wel robots in elkaar gezet. Stukje bij beetje, schroefje voor schroefje, plaatwerk na techniek kreeg je langzaam je vorm. Glimmend en blinkend rolde je van de lopende band, op weg naar een nieuwe eigenaar.
Diepzwart, een stoere rode striping, een franse held met op je derrière naast de 1.4 een X en een S. Die maakt je net wat stoerder dan je broertjes.
Je kreeg een nederlands nummerbord en verhuisde en na diverse “baasjes” kwam je een paar jaar geleden bij mij terecht. Ik was meteen verkocht. Een vrouwenauto met een stoere touch. Je zat heerlijk, reed heerlijk en kostte zo weinig dat het bijna sneu was.
Inmiddels heb je bijna 180.000 km op je teller staan. Je wordt wat moe en de gebreken komen. Vorig jaar is je dak gespoten en van buiten zie je er weer prachtig uit, maar daarmee voorkom ik niet dat je langzaam achteruit gaat. De kilometers gaan tellen…
En ook al zwengel ik met liefde je ramen handmatig open, puf ik vol genegenheid de warmte weg tijdens aircoloze hete zomers en stuur ik me passievol wezenloos zonder stuurbekrachtiging, er komt een moment dat jij en ik afscheid moeten nemen omdat dit verwende nestje graag wat meer luxe wil en jij te oud wordt voor al
die kilometers richting de liefde in het westen.
Tot die tijd geniet ik van het feit dat ik je heb.
Mijn eerste eigen auto, mijn black beauty..
Bedankt voor alle veilige, probleemloze kilometers… Op naar de 2 ton…

image

Marga, 18 februari 2013