Geplaatst in Songtekst

Oud geboren

Waarom word je niet oud geboren
zodat het leukste nog komen gaat
Alles ging dan achterstevoren
en was te vroeg te laat

Dan was je je onschuld nooit verloren
Kreeg je die juist aan het einde terug
Was je wijsheid al geboren
en je toekomst al achter de rug

Je elke dag weer iets naïever bent
Alles is leuk, want je bent niets gewend
Tegen het einde goedgelovig en klein
zodat je niet als de dood voor de dood hoeft te zijn

Dan zag je je lijf steeds sterker worden
Had je je jeugd nog voor de boeg
Alles kwam goed wat ooit ontspoorde
en was te laat te vroeg

Beter nog ga heen en weer
Bijna sterven en dan nog een keer
Hoe het ook gaat, je krijgt een zachte dood
Omdat je in kan slapen
in je moeders schoot…

Veldhuis en Kemper 

Geplaatst in Beach, Geluk

Klein geluk

1 September werd je geboren. Met 7 broertjes en zusjes groeide je op in een varkensstal. Door de melk van je mama groeide en groeide je en 7 weken later kwam er een mevrouw en een klein jongetje die meteen verliefd werden op je eigenwijze snoetje en je zachte velletje.
Je broers hadden het hoogste woord, stoer en sterk kwamen ze blaffend op me af. Maar jij bleef zitten, de kleinste van het stel en je keek me aan met een blik die zei “Ik hoef me echt niet zo aan te stellen om leuk te zijn.” En je had gelijk, want toen ik je trillende lijfje in mijn armen had en je je kleine koppie in mijn nek begroef was ik verkocht. En ondanks dat iedereen om me heen me waarschuwde vooral niet te gaan voor de kleinste in het nest haalden we je een week later op zodat je voorgoed bij ons gezin kon horen. Ik had ervaring met kleine baby’s en hoe die groot en sterk kunnen groeien en alle vertrouwen in jou.
Schuw en bang brachten we je thuis en ik genoot van het eerste kraamweekend waarin we veel visite kregen en jij dicht bij me lekker door alles heen sliep.

Vijf weken ben je nu bij ons en niet meer weg te denken. Ik heb genoten van al je eerste stappen en je ontdekkingsreis in deze wereld. Wat vond ik mensen altijd stom die hun hond vergeleken met een kind. Het is uiteraard niet hetzelfde, maar de liefde is intens en het is zo leuk om je alles te leren. Als twee trotse ouders zagen we je binnen korte tijd zindelijk worden, leren zitten en pootjes geven op commando en nog veel meer dingen ontdekken en snappen. Het gaat zo hard, je gewicht is verdubbeld en je bent bijna aan wisselen toe.

Donderdag vierden we sinterklaas. Ook aan jou had de goedheiligman gedacht. Bij elk cadeautje scheurde je enthousiast het papier eraf en rende vervolgens met de inhoud door de kamer met flapperende oortjes en een kwispelende staart.
Tussen het pakjesfeest door liepen we met zijn viertjes buiten. Wat mooi om op pakjesavond door de koude avondlucht te lopen. In de huizen brandden licht en kaarsen. Families waren samen, kinderen pakten dankbaar cadeautjes uit terwijl ouders en opa’s en oma’s genoten van blije smoeltjes. Er werd gelachen om surprises en gedichten en stelletjes lagen dicht tegen elkaar aan op de bank.
Eenmaal weer in mijn warme huisje met mijn lieve mannen, kon ik alleen maar denken hoe rijk ik me voelde. Ik zag je tevreden liggen glimlachen in je jaloersmakende mandje en een warm gevoel stroomde door mijn aderen. Wat hebben we het goed!

Je bleef bij me die vrijdag terwijl je baasje met pijn in zijn hart ging werken en de hele dag lag je op de mat voor de deur. Het leek alsof je hem miste en je klom in hem toen hij die avond weer thuis kwam. Wat een onvoorwaardelijke liefde…

Vandaag veranderden we ons huisje in een kerstpaleis. Speciaal voor jou een kleinere boom op een tafeltje zodat je je niet kunt bezeren. Het boeide je weinig en je knuffelde fijn verder met je eland en koe om daarna weer ronkend in slaap te vallen, uitgestrekt op je kleed of in je mand en omringt door al je nieuwe speelgoed. Het kan me niet schelen dat we je schromelijk verwennen. Je hoeft niet te gaan studeren, je hoeft later niet samen te leven met iemand of geld te gaan verdienen en op te groeien tot een verstandig mens. We kunnen je niet verpesten met teveel liefde.Wat wij je meegeven is een goede opvoeding zodat je de boel heelhoudt en koekjes kunt verdienen met goed luisteren en verder hoef je alleen maar te spelen en te genieten. Jouw leven moet een feest zijn en ik geniet als ik je even op schoot neem omdat het zondagavondafscheid nadert en ik je oogjes langzaam zie dichtvallen als je op mijn buik en in mijn armen in slaap valt.
Met een bezwaard hart gooi ik je knuffels in je mand, pak je tas weer in en geef je nog een laatste knuffel. Ik wil niet dat je mijn verdriet voelt, dus ik begraaf me in de warmte van je baasje en slik een brok weg.
Dapper loop je naar de auto en alsof je weet dat ik niet mee zal gaan kijk je nog één keer om.

Mijn kleine harige geluk op vier pootjes. Ons gezin is compleet…
image
Beach 8 wkn

image
Beach 13 wkn

Marga, 8 december 2013

Geplaatst in Afscheid, Edwin, Liefde

LAT

“En? Nieuwe liefde inmiddels? Ja? Joh, wat leuk voor je. En nu trouwen, kindjes, samenwonen? Niet? Oh jullie latten? Dat lijkt me nou zo heerlijk he. Als ik die zoutzak elke dag naast me zie zitten, nou dan denk ik wel eens, man ga toch weg. Lekker alleen doordeweeks, geen gezeik, vrouwenseries kijken, boekje lezen, geen rondslingerende sokken en het huis wordt ook niet vies. Lekker hoor, je blijft verliefd want je ziet elkaar bijna nooit. Nou meid, ik benijd je hoor, je hebt het maar mooi voor elkaar.”

Vrijdagmiddag
Nadat mijn smurf naar zijn papa is gefietst prop ik voor de zoveelste keer wat spullen in een tas. Er gaat steeds minder mee. Deels omdat ik meer spullen dáár heb, deels omdat ik geen zin heb in het gesleep. De normaal twee uur durende reis wordt wat uitgebreid door een fijne avondspits en moe en hongerig rol ik tegen achten in mijn andere stad weer uit de auto. Als ik in zijn armen val ben ik de vermoeiende reis meteen weer vergeten. De muziek staat aan, de kachel brandt al speciaal voor mij en op tafel staan lekkere hapjes en een glaasje wijn. We slaan het avondeten en de koffie maar over en duiken meteen in de borrel. Lekker tegen hem aan genesteld praten we de week bij en ik geniet van de warmte van het huis en van hem. Ons viervoetige kind staat met gekruiste pootjes bij de voordeur, dus die nemen we nog even mee naar het strand. Het regent keihard en het is donker dus het kost wat overredingskracht om haar door te laten lopen. Doorweekt en koud komen we terug. Samen zetten we ons beertje onder de douche en als ik op de grond zit met dat bruine frutseltje in een grote handdoek dat genietend haar oogjes dicht doet bij het afdrogen ben ik echt helemaal thuis. Frisgedouched rollen we daarna samen het bed in en ik val ontspannen in slaap met een warm lijf tegen me aan. Even niet alert, niet bang, even niet verantwoordelijk. Er wordt voor me gezorgd.

Zaterdag en zondag genieten we. Veel praten, muziek luisteren, met een boek op de bank met mijn hoofd op zijn been, samen koken, lekker eten, naar de kapper, bij vrienden langs en wandelingen naar en spelen op het strand.

En dan is het zondagavond….

Ik lig nog even tegen hem aan, maar de minuten tikken weg en ik weet dat ik moet gaan. Het afscheid van hem en nu ook van haar is pijnlijk en went nooit…

Eenmaal in de auto veeg ik woest een verdwaalde traan weg en zet de muziek wat harder. Tel je zegeningen, tel je zegeningen, dreunt het door in mijn hoofd. Je hébt tenminste iemand om afscheid van te kunnen nemen.
Al zingend rij ik de avond door, terug naar huis. De weg kan ik dromen.
Twee keer opletten, bij Diemen en bij Muiden.
Bij afrit 3 zwaai ik in gedachten naar Mars, bij Schiphol geniet ik weer van alle lichtjes en eenmaal op de A6 hoef ik alleen nog maar te wachten op míjn afslag.
Na een stukje door de polder parkeer ik mijn zwarte monstertje voor de deur. In mijn blok branden in alle huizen lichten en kaarsen, de buurman zwaait nog even en ik hijs mijn tassen uit de kofferbak. Het is stil, donker en koud in huis.
Even flitst het beeld door mijn hoofd van mijn lieverd met ons kleine knuffeltje op zijn arm.. Zwaaiend…

Op naar weer een stille week…

“Oh meid jij boft maar. Latten, het lijkt me héérlijk. Ik zou echt zó willen ruilen…”

Marga, 10 november 2013

Geplaatst in Afscheid, Herfst

Winterklaar

Met het verschijnen van de eerste crocusjes en narcissen begon het lentegevoel te kriebelen. Een voorzichtig zonnetje, nieuwe blaadjes aan de bomen, lammetjes in de wei, ik hou van de lente en van het nieuwe leven dat dat met zich mee brengt. De belofte van een lange en warme zomer… In die periode snel ik ook altijd richting tuincentrum en vul ik mijn afterworkmiddagen met het planten van kleur in de tuin en het opleuken van de grijze massa tegels met leuke spulletjes. Dit jaar was het een maagdelijk nieuwe tuin waarin nog niets stond behalve een hoop rotzooi, onkruid en mos. Het kostte een tijdje voordat ik het naar mijn zin had ingericht, maar aan het begin van de zomer waren de achter- en voortuin er klaar voor. Toen ik ook nog een langgekoesterde wens in vervulling kon laten gaan in de vorm van een heerlijke loungeset, was het buitenzitgenot compleet.

Vandaag was het een mooie herfstdag met een heerlijk zonnetje en dito temperatuur. Ideaal om in de tuin te werken. En omdat ik mijn zorgvuldig bij elkaar gespaarde spulletjes heel wil houden wil ik alles, voor Koning Winter toeslaat, droog hebben opgeslagen.

Het opruimen van de tuin werd een trip down memorylane…

Ik zie mezelf belachelijke tranen janken toen mijn tuinset werd opgehaald door een marktplaatskoper die het liefdeloos in een aanhanger smeet. Ik wilde zo graag een loungeset, maar toen de “oude” tafel en stoelen werden opgehaald kon ik alleen maar denken aan ook zo’n vroege lentedag met een heel klein Thomasje in pyjama die “meehielp” om de tafel in elkaar te schroeven. Weer iets van “toen” dat verdween.
Ik snoeide de nieuwe heg en zie mijn lief in de weer met het in elkaar schroeven van de plantenbakken en het planten van de takjes klimop. Ik dacht toen dat die sneue takjes niet voor een dichte begroeiing zouden zorgen dit seizoen, maar niets was minder waar.
De vuurpot herinnert me aan een middag stoken met ons drietjes en avonden met een wijntje en wat lekkers. De zomer was lang dit jaar, en we hebben dan ook menig avond dicht tegen elkaar aan genoten van onze buitenhuiskamer.
De ijzeren schuttingversiering vonden we in een museumboerderij die we tegen kwamen toen we de loungeset gingen ophalen en waar we later met Thomas nog naar terug zijn gegaan omdat het zo leuk was.
Alle kaarsen die regelmatig hebben gebrand, mijn witte stoelen waarop ik op een snoeihete dag even in de schaduw kon afkoelen, de plantjes die van miezerig formaat zijn uitgegroeid tot een tuinvullend formaat. De boom die ik kreeg voor moederdag.. Alles wat ik vandaag aanraakte toverde een gelukkige glimlach vol herinneringen op mijn gezicht.

De mooie spulletjes staat in de schuur, de kussens liggen op zolder en de loungeset ligt in twee delen opgestapeld. De stoep is geveegd en de tuin geschoffeld in afwachting van het eerste groen dat over een paar maanden blij zijn kopje boven de grond zal steken.

Het is weer voorbij die mooie zomer….

Marga, 20 oktober 2013

image

Bron foto en gedicht: prakkie.wordpress.com

Geplaatst in Divers, Thuis

Een jaar later

Ik zie je nog zitten bij de notaris. Mijn kleine mannetje aan die grote tafel.  We gingen tekenen voor onze toekomst en blij namen we de grote bos sleutels in ontvangst waarmee je een half uur later de deur opende van ons nieuwe huis. Nog zie ik mezelf staan in de lege gang met een onbeschrijfelijk gevoel vanbinnen. Een wonderlijke combinatie van opluchting en thuiskomen, verloren en verdrietig, blij en met een verwachtingsvol hart. Kunnen we hier gelukkig worden? Ga ik me thuisvoelen zoals ik dat daar deed, bij hem? Red ik het wel alleen? Wordt het een paleisje zoals ik altijd heb gedroomd en waar moet ik in vredesnaam beginnen?

Nog zie ik mezelf staan de volgende dag in alle vroegte in de bouwmarkt waar ik eindelijk de verf kon gaan bestellen. De blonde fries met blauwe ogen als de zee (goede kleur voor de gang, zouden ze daar ook verf van kunnen maken) achter de balie mengde voor een heel weeshuis saus terwijl hij kletste over zijn hobby’s en ik ook maar meteen mijn hele trieste geschiedenis op de verfmengbalie legde. Want een klussende vrouw daar zit een verhaal achter. Een vriendschap werd geboren en ik had, door een flinke miscalculatie, saus voor wel vier huizen. Ik zou hem nog vaak zien die weken erna waarin ik de Praxis sponsorde met mijn zuurverdiende centjes en hij me met een knipoog voorzag van extra kortingsbonnen. Bedankt nog daarvoor, ik weet dat je dit leest :-).

Ik brak, sloopte, schuurde, schilderde en sopte die weken erna, alleen, of met behulp van familie, vrienden en mijn lieve Ed en langzaam ontstond onder mijn handen een glimmend opgepoetste diamant. Dat wat ik meteen in ons huisje had gezien, toonde zich centimeter voor centimeter aan me.

Ons thuis..

Soms voelt het nog wat onwennig, soms kan ik nog steeds niet geloven dat dit alles van mij is, soms springen de tranen me in de ogen als ik denk aan al het werk, bloed, zweet en tranen die erin zitten.
Soms zie ik mezelf weer zitten op de kale houten vloer met een kopje thee in mijn hand, dromend van hoe het zou zijn als het klaar is.

In de kamer waar ik toen zat slaap ik nu en de droom die ik toen droomde, kwam uit.

Een jaar later.
We made it mannetje!

image

Marga, 10 oktober 2013

Geplaatst in Divers, Ziek

Wachten

Ik moest naar de dokter. De reden waarom doet er niet toe, maar na maanden uitstel moest het ervan komen. Het feit dat mijn disfunctionerende lijf me begint te beperken in mijn werk door een totaal gebrek aan concentratie was de druppel. Ik kon op woensdagochtend terecht en keurig op tijd neem ik plaats in de overvolle wachtkamer. Twee oudere dames wisselen gênante aandoeningen uit en omdat ze allebei hardhorend zijn kan de hele wachtkamer meegenieten. Net als de rest van de aanwezigen staat mijn gezicht op de “ik hoor niks” stand. Een klein kindje zit in het speelhoekje en ramt op iets dat daarvoor niet bedoeld is. Gezien de wallen van de moeder en het bleke gezicht, ontbreekt het haar aan de energie om het kind te corrigeren. Ik pak een tijdschrift en blader afwezig door de paar jaar oude Vriendin. Naast me ontstaat gemopper. Een oudere heer bromt dat hij om 9 uur moest komen en nog niet aan de beurt is. Ik vraag hem bij welke huisarts hij een afspraak heeft, in de hoop dat het niet de mijne is. Dat is natuurlijk wel zo. Hij loopt uit, 50 minuten minstens en ik besluit de Vriendin nog maar een kans te geven. Voorlopig zit ik hier nog wel even…
Om mij heen wordt de wachtkamer steeds leger en ik ben nog steeds niet opgeroepen. Ook mensen die na mij binnen kwamen zijn alweer naar huis. Een onderbuikgevoel waarschuwt me en ik ga maar even poolshoogte nemen bij de o zo (niet) vriendelijke assistente.
“Nee mevrouw, u staat voor morgen gepland”.. de moed zakt me in de schoenen. Op mijn verzoek of ze me er dan niet alsnog tussen kan proppen wordt negatief gereageerd,  want de huisarts loopt al bijna een uur uit. Ja, dat hoef je mij niet te vertellen, dat is precies het uur dat ik hier voor jan l.. heb zitten wachten. Ik heb de energie niet om boos te worden en eigenlijk ben ik zo moe dat ik alleen maar zin heb om te janken en thuis in pyjama bij de kachel te kruipen. Dat is dan ook precies wat ik doe en als ‘ s avonds een lieve vriendin what’s appt, jank ik, tijdens het typen van mijn antwoord, mijn frustratie eruit.

Op donderdag gaan we voor de tweede ronde. Wederom sta ik keurig op tijd bij de huisarts voor de deur, want het zal maar zo zijn dat hij toevallig net vandaag wel op tijd is. Dream on babe.. Na 25 minuten besef ik dat ik ook vandaag weer een tijdje mag doorbrengen op deze “gemakkelijke” stoeltjes. Vandaag heb ik mijn e-reader meegenomen,  maar ik kan me niet concentreren door de mensen om me heen. Rechts van mij gaat er iemand dood. Tenminste, zo klinkt het en ik krijg het van zijn hoestbuien zelf letterlijk benauwd. Links van mij zit een man met een stoornis. Wat hij heeft weet ik niet, maar het zorgt ervoor dat hij de hele tijd in zichzelf praat. Nee, geen toupetachtige vieze woorden, maar hele verhalen en bijna zonder ademhalen. “Ja hier zit ik dan in de wachtkamer want ik voel me niet zo lekker dus ik dacht ik ga naar de dokter, want dan kan hij kijken wat ik heb zonder dat ik vanavond naar de televisie kijk waar die serie is die ik volg met mijn moeder die…” Concentreren op mijn boek lukt me nauwelijk en dat terwijl het echt een heel leuk boek is over een single man en zijn avontuurtjes. Net op het moment dat ik met een grijnzend hoofd lees over zijn erectie die hij met moeite in bedwang kan houden bij de vriendin van zijn beste vriend, voel ik dat de vrouw naast me over mijn schouder zit mee te lezen. Met een lichte blos schuif ik wat opzij en eigenlijk wil ik roepen dat dit de eerste erectie is die voorbij komt, maar ik laat het toch maar. Ondertussen wordt door een ander kind een houten puzzel gesloopt en heeft ook deze moeder geen kaas gegeten van wat opvoeding eigenlijk inhoudt. Als het kind een keel opzet en ik er echt heel erg klaar mee ben word ik opgeroepen.
“Sorry voor het lange wachten mevrouw”, zegt de huisarts en ik brom een onduidelijk “ach ja” terug. Vervolgens houd ik hem als wraak veel langer bezet dan de 10 minuten spreektijd die ik eigenlijk heb. Met een formulier van het priklab en een hoofd vol informatie stap ik weer in de auto op weg naar huis.
Morgen naar het ziekenhuis. Het is me het weekje wachten wel…

Marga, 10 oktober 2013

Geplaatst in Angst

Angst

Met bonkend hart loop ik naar boven. Net als iedere avond verwacht ik haar te zien, bovenaan de trap, als de spaarlamp voldoende is “opgestart” en de overloop wordt verlicht. Een wit jurkje, een beer in haar handen en een vragende blik die zegt dat ik iets voor haar moet doen. Ze bestaat in mijn verbeelding. Nooit zie ik haar, toch is ze er altijd, elke avond. Net als hij. Hij ligt altijd in mijn bed als ik de dekens terugsla. Dan staart hij me aan met zijn dode ogen, zijn lichaam verminkt, zijn gezicht verraad een doodsangst. Hem zie ik ook nooit, toch is ook hij er elke avond bij.
Zolang als ik me herinner jaagt het donker me angst aan. Schaduwen leven, de nacht maakt me eenzaam en geluiden houden me wakker. Vroeger was ik blij als ik een auto hoorde rijden. Dan was de wereld om me heen niet vergaan en was ik niet alleen. Ik concentreerde me intens op mijn nachtlampje en greep de poppen en mijn beren in bed steviger vast. Naar de wc durfde ik niet uit angst voor gezichten die plots achter ramen zouden opduiken en in de spiegel boven de wastafel zou ik echt niet alleen mijn eigen gezicht zien. Er leefde van alles in mijn kast en onder mijn bed. In mijn kinderlijke onschuld had “dat” geen gezicht. Ik had geen beeld bij het kwaad dat om mij heen huisde, maar het was er. Intens gelukkig was ik als de lente eraan kwam en de dagen langer werden. Dan was het licht als ik moest gaan slapen en hoorde ik het leven buiten op straat.
Toen ik een jaar of 12 was las ik in de Aktueel, een blad in onze leesmap, een artikel over Jack the Ripper. Mijn ouders spraken erover en ik was zo nieuwsgierig geworden dat ik er ook naar keek. Vanaf dat moment had het kwaad een gezicht. Of eigenlijk nog niet, maar het was een man in een lange zwarte jas. Het duurde jaren voordat ik eroverheen was, dat moment viel samen met de komst van een vriend met wie ik ging samenwonen. Met hem om me heen was ik eigenlijk nooit meer bang, zelfs niet tijdens de weken en soms maanden die ik alleen zat omdat hij voor zijn werk veel weg was. Vanaf het moment dat ik de film The sixth sense zag veranderde dat. Die film greep me letterlijk naar de keel. Het kwam dichtbij mijn geloof dat er “iets” om me heen was. Of was het geen geloof maar een gevoel? Weken lag ik ervan wakker tot ook dat weer verdween. Ik kon het relativeren. Datgene om me heen hoefde toch niet perse kwaad in de zin te hebben? Misschien barst het wel van de beschermengelen om me heen.
Toen ik alleen kwam te staan veranderde alles. Niet alleen de enorme verantwoordelijkheid voor mijn kleine man greep me naar de keel, ook de angsten van vroeger kwamen terug. Ik wilde niet meer in het donker naar boven lopen, hoorde steeds overal van alles, de trap kraakte, geluiden joegen me weer angst aan en zij waren er weer, slechts in mijn verbeelding, maar genoeg om me wakker te houden.
Het voelt stom om toe te geven als de volwassene die ik ben, maar het lucht ook wel een keer op om het hardop te schrijven. Ik ben nog steeds bang voor het donker. Voor mij betekent de komst van de winter niet alleen dat ik het koud ga krijgen, maar ook dat ik het naar bed gaan zo lang uitstel dat ik uitgeput meteen in slaap val. Ik slaap eigenlijk alleen goed met een stevige arm om me heen. Pas dan voel ik me echt veilig.
Misschien laten mijn demonen me ooit met rust, misschien zal ik “haar” ooit wel echt zien zodat ik kan vragen wat ze van me wil, misschien houdt mijn geest ooit eens op met me gek te maken met irreële angsten… Want ik weet ergens diep van binnen best dat er niets is.
Misschien gaat het pas weer over als ik hem wel elke nacht bij me heb.

Angst is iets ongrijpbaars….

Marga, 2 oktober 2013